Dit jaar gaat het echt gebeuren. The big 30. Ik word deze lente 30. Ik kan niet echt zeggen dat ik daar wakker van lig. Vroeger hield ik op een of andere manier altijd vast aan 27. Waarom weet ik ook niet, ik dacht altijd: och, dan ben ik afgestudeerd, heb ik een koophuis en misschien wel kinderen op komst, een stabiele toekomst. Laat ik het zo zeggen: ik was voor mijn 27e afgestudeerd. Doelen zijn bijgesteld, mijn toekomstbeeld ziet er nu heel anders uit.
Terug naar waar ik het over wilde hebben. Het 30 worden. Het NRC besteedde er dit weekend een hele bijlage aan: “De patatgeneratie bereikt de top”. Voorbeelden als Arjen Lubach, Freek Vonk en Daan Roosegaarde worden genoemd. Mensen die voor mijn gevoel allemaal ver van mij afstaan, waar ik me helemaal niet mee vergelijk: zij zijn succesvol, geslaagd. Ik weet nog helemaal niet wat ik wil doen als ik later groot ben. Is het zo dat iedere dertiger tegenwoordig succesvol is? Nee, zo blijkt. Linda de Mol was op haar 33e al presentatrice bij de Tros, Matthijs van Nieuwkerk was op zijn 36e hoofdredacteur van Het Parool, en Mark Rutte werd op zijn 30e personeelsmanager bij Unilever.
Toch slaat er lichte paniek toe: moet ik over een paar maanden, als ik 30 ben, ook succesvol zijn en weten wat ik wil?
Nieuwe paniek: is dit mijn dertigersdilemma? Er is simpelweg teveel keuze voor “onze generatie”: je kan uit duizenden studies kiezen, door de bomen zag ik het bos niet meer, ik vroeg mijn decaan op de middelbare school hoe ik nu moest weten wat er bij me past. Een beroepskeuzetest bleek de oplossing. Uitslag: “gymlerares”. Gelukkig heb ik nog gezond verstand en begon ik vanuit de uitslag van die test weg te strepen wat niet bij me paste. En uiteindelijk deed ik gewoon wat op dat moment goed voelde, dan kan het tenslotte nooit fout zijn. Nog steeds vind ik de grotemensenwereld op het gebied van banen en toekomst een groot moeras, maar ik kan gewoon nog hopen dat het over een paar maanden opeens allemaal duidelijk is wat ik wil.
Beangstigender is de conclusie van het NRC-artikel: “De dertiger wordt nu soms al aan alle kanten ingehaald door een innovatievere, creatievere twintiger.” Dan loop ik dus nu al achter de feiten aan?
Toch ben ik een trotse bijna-dertiger: de generatie van clips op TMF (de dag-top 5 elke avond, met Fabienne), daarna inbellen op internet (kennen jullie dat geluid nog?) om te MSN-en met je klasgenoten. Big Brother werd natuurlijk ook op de voet gevolgd, en we hebben de opkomst van de mobieltjes meegemaakt (en kom nu maar weer eens losgeweekt van dat ding…). Mp3-spelers met 128mb geheugen, dat was toen vet veel, want daar kon meer op dan op een cd. Bovendien veel praktischer dan je discman, die bij elke hobbel oversloeg.
Ter gelegenheid van deze bijlage over dertigers had het NRC ook een testje op Facebook, “Ben jij een echte dertiger?”, een feest van herkenning kwam voorbij. Van de tamagotchi tot de Break-out. De uitslag? Nog raak ook…
